LANDGOED NIJENRODE
EEN VIRTUELE VERKENNING

 Even buiten Breukelen, langs de Vecht, achter kasteel Nijenrode en rondom de Nyenrode Business Universiteit ligt een prachtig landgoed van bijna 60 hectare. Behalve veel natuurschoon zijn er 27 rijksmonumenten te zien.
Wie verbonden is aan de universiteit kan er prettig rondwandelen, maar voor alle anderen is het park


in principe alleen toegankelijk op de Open Monumentendag(en) en via vooraf geboekte, betaalde rondwandelingen
– maar nu dus ook in virtuele vorm via deze reportage.
Die ik als oud-student (1961-1963) heb kunnen maken dankzij twee speciale rondleidingen,
en naar aanleiding van Nijenrode’s tachtigjarig bestaan dat op verschillende wijzen wordt gevierd.
Overigens werden de fundamenten voor kasteel Nijenrode meer dan 750 jaar geleden gelegd.
De nodige achtergrondinformatie en introductie voor deze reportage werden verstrekt
door
de grote initiator, organisator, bestuurder, spreker en auteur Pol Schevernels (studiejaar 1959).

 Uit de talrijke schilderijen die kasteel Nijenrode voorstellen tussen de brandstichting door Utrechtse burgers in 1511 en het opblazen van het kasteel door de Franse troepen in 1673 blijkt duidelijk dat er al vroeg sprake is geweest van park- c.q. tuinaanleg. Uiteindelijk, na vier eeuwen vererving,  worden het landgoed (inmiddels circa 10 hectare) en kasteel voor de eerste keer verkocht, aan de Amsterdamse koopman Johan Ortt I (1675- 1701). Tijdens diens zeven jaar durende reconstructie van het kasteel wordt ook een aanzienlijk park in renaissancestijl aangelegd. Ortt II, net als zijn vader een groot paardenliefhebber, stelt fruit en verpozing centraal, alsmede de aanleg van een bos. Onder Johan Ortt IV krijgt het park structuur, slingerlanen en een zogeheten Zwitserse brug. Deze koopman verrijkte het park bovendien met vier boomgaarden voor leifruit. Begin 20e eeuw redt Onnes, een vermogende  Amsterdamse koffiehandelaar en grote natuur-, kunst- en cultuurliefhebber, Nijenrode van een desastreuze ontmanteling. Hij voegt aan zijn achternaam zelfs ‘van Nijenrode’ toe. Voor anderhalf miljoen gulden moderniseert hij kasteel, koetshuis en landgoed, en geeft het een tweede jeugd door de situatie uit de 17e eeuw terug te brengen. Tuinarchitect Copijn pakt allereerst op grootse wijze de verwaarlozing van de lanenstructuur in het oosten aan, en verdubbelt de entreelaan met lindes (die in de oorlog weer sneuvelen). Naar het westen toe wordt kunstig een landschapspark gebreid. Daarbij wordt veel grond verzet om waterpartijen te creëren en waarbij watergangen ook worden gedempt. Ten zuiden van het kasteel op ‘extra best weiland’ komen o.a. een wildbaan/hertenkamp en menagerie.En ten zuiden daar weer van ontstaat een boomgaard van 30 are met vooral hoogstamfruit. Copijn’s collega Springer heeft dan al voor de aanleg van een rosarium en broderies gezorgd. Anno 1930 wordt kunsthandelaar Jacques Goudstikker  de nieuwe eigenaar die zijn unieke collectie kunstwerken in het kasteel presenteert. Aan het park voegt hij talrijke tuinornamenten toe, terwijl het rosarium een uniek, 18e eeuws prieel uit Parijs krijgt. Tegen betaling kunnen bezoekers rondleidingen krijgen door het ook met diverse muurkassen, broeikassen en een oranjerie gevulde park.

***

Vandaag de dag bereik je landgoed Nijenrode via een poortgebouw (uit 1916) met slagboom, waarna je meteen links via de door oude eiken geflankeerde kasteellaan naar de grote parkeerplaatsen rijdt. Vanaf de verste loop je over een bruggetje naar de eigentijdse universiteitsgebouwen. De servicedesk aldaar heeft voor bezoekers een leuke, compacte wandelkaart beschikbaar. Pal achter het gebouw begint het feest. We worden meteen verrast door enkele van de eigentijdse kunstwerken die het park sieren, net als bij de entree  van het Kröller-Müller museum. Het decor achter de sculpturen bestaat uit bossages van zowel struikgewas als lage en hoge bomen. En daar beginnen ook de laantjes. Ga bij de T-kruising linksaf en je bereikt de eigenlijke campus waar de studenten verblijven. We zien er o.a. een vrolijk beschilderde opslagdeur. Nu even terug, het slootje over,  dan meteen links, en je komt op een smal, lang bospad. Wat een stilte, wat een rust, wat een groen (foto rechts). Overigens, tijdens elk seizoen veranderen het uiterlijk en de kleuren van landgoed Nijenrode aanzienlijk. Nu, tijdens de lente, transformeert het op veel plekken in een zee  van kleurrijke bloemen. Sneeuwklokjes, krokussen, hyacinten, wilde tulpen en narcissen zijn slechst enkele voorbeelden van de planten die in grote hoeveelheden in het park bloeien. Gedurende de herfst verandert het landgoed in een paddenstoelen paradijs: men heeft er zo’n 1300 soorten paddenstoelen ontdekt.

Aan het eind van het bospad verschijnt een van de fraaie waterpartijen die het park telt (schilderij links). En steeds weer zie je verbindende bruggetjes. Op het landgoed werden er ruim dertig aangelegd. Sommige, zoals dat bij de parkeerplaats, doen een beetje denken aan het beroemde bruggetje van Giverny, in het park van Claude Monet (foto helemaal boven). De wandeling wordt nu in de rechter richting voortgezet, tot weer een T-kruising en dan twee keer rechts. Waarna we langs de grote vijver lopen – en even het gevoel hebben in een Engelse landschapstuin te zijn. Aan het eind even links, dan rechts, en daar ligt het prachtige Lindenlaantje, met zijn knoestige, lage stammen en schaduw gevende bladerdak, met op de grond een bonte verzameling stinzenplanten. Het laantje eindigt bij de uit 1912 daterende orangerie die vorig jaar geheel werd gerestaureerd. Erachter bevindt zich een grote kwekerij met een moestuin en kassen.

Nu even doorlopen, en je bereikt het riante rosarium dat bijna vijftig perken telt, en in 1915 ontworpen werd door Leonard Springer. In het seizoen bloeien er zo’n 2500 rozenplanten. Het eerder genoemde Franse prieel temidden daarvan werd bestaat uit brons en werd versierd met vergulde ornamenten. De Latijnse tekst op het gebouwtje staat voor ‘Ik tel alleen de zonnige uren’. Opzij van de tuin werden enkele klassieke bustes geplaatst. De wandeling wordt vervolgd langs de halfronde slotgracht van het nabije kasteel, met aan de rechterzijde een groot sportveld. Even verderop staat het statige Koesthuis dat een bezienswaardige binnenplaats heeft, alsmede een taveerne. Tegenwoordig worden er bijeenkomsten georganiseerd. Het gebouw verrees tijdens de Eerste Wereldoorlog. Ernaast, aan de overzijde van het zoveelste slootje, ligt de hertenkamp, waar niet alleen damherten vredig verblijven, maar sinds 2013 ook nandoes, een kleine soort struisvogel die alumni uit Zuid-Afrika hebben gehaald. In de weide is tevens de zeven jaar geleden gerestaureerde en nu weer bewoonde menagerie te zien die begin vorige eeuw werd gebouwd, en die bestaat uit een fazanterie, een eendenhuis, een volière, een prieel en een voederhuisje. Je bent nu vlakbij het voormalige gymnasium (waar schrijver dezes vaak basketball heeft gespeeld), met daarachter de universiteitsgebouwen waar de wandeling begon. Dat park Nijenrode veel plezier geeft, moge inmiddels duidelijk zijn. Ik heb het ervaren als een landschappelijk kunstwerk.

Vanaf 3 april is in het Vechtstreekmuseum te Maarsen een unieke, eenmalige tentoonstelling te zien met als titel Nijenrode 750 jaar – van ridders tot studenten. Een beschrijving van het museum is op deze website te zien bij Galerie & Musea. De expositie duurt tot en met zondag 13 september. Website www.vechtstreekmuseum.nl.

~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~

SCHILDERIJ VAN DE MAAND

Zo de proefprofs van Perswijn het Italiaanse gewest Abruzzo via het glas hebben bezocht (zie het verslag), zo heb ik dat met de penseel gedaan. In de kleine, 24 cm brede landschaps impressie van dit reliëfrijke, stille wijngebied heb ik bewust een vrolijk lijnenspel van wijnweggetjes aangebracht, en via wild veldgewas ook flink wat diepte. Voor meer details zie Abruzzo, het land van Montepulciano bij La Bella Italia op www.vinpressionist.com.

 

 ***

WIJNK(L)IEKJES (7)
Bij toeval vond ik een archiefmap vol foto’s van vroeger. Het zijn herinneringen, visuele restjes eigenlijk, van wijngebeurtenissen die decennia geleden plaatsvonden.

***

Er viel wat te vieren bij wijnhandel Reuchlin. Want op de lang geleden gemaakte foto is directeur Jan Zellenrath begonnen om uit magnums een Champagne piramide vol te schenken, onder het toeziend oog van o.a. Freddy Heineken (helemaal rechts). Het kiekje bracht me terug in de tijd, toen bijna een halve eeuw geleden door de telefoon klonk ‘Met Heineken’.  Het was, wie anders, ’s lands grootste bierbrouwer die graag eens wilde praten over de Nederlandse wijnmarkt, tijdens een lunch in Excelsior, het restaurant van zijn Hotel de l’Europe. ‘Het gebruikelijke, meneer Heineken?’ vroeg de gérant. Dat bleek zeetong met kerriesaus te zijn, en als wijn Pouilly-Fumé.

Alfred H. Heineken (‘Freddy’ heb ik hem nooit genoemd) wilde weten of er voor zijn bedrijf kansen lagen op de wijnmarkt, en zo ja welke. Het lukte maar niet om zijn biervertegenwoordigers óók wijn te laten verkopen. De holding van Heineken was toen al wel eigenaar van Reuchlin, maar die Rotterdamse firma leverde slechts aan een beperkt aantal horecazaken. Een paar jaar na ons gesprek begon de brouwerij met de Alliance Vinicole, een professioneel opgezet postorderbedrijf dat landelijk mailde en adverteerde. Succes bleef echter uit, en na een paar jaar, in 1979, werd het overgedaan.

De eerste keer dat ik Heineken ontmoette was in 1971, op zijn kantoor te Amsterdam. Dit voor een interview over zijn favoriete wijn-spijscombinatie, te publiceren in Wijn & Spijs, het kwartaaltijdschriftje van Wijn Verlinden waarmee ik twee jaar eerder was begonnen. Alert, snel en openhartig gebruikte Heineken het gesprek om flink wat kritiek te spuien op de vaderlandse horeca – best gedurfd gezien zijn klantenkring. Dit zijn enkele van zijn vegen uit de pan.
‘Waarom liggen er soms vloerkleden op tafel? De een niest erover, de ander morst erop.’
‘Koffiemelk vind ik een horreur. Die gele pap smaakt naar de pasteuriseermachine en heeft misschien eeuwen geleden aan een koe geroken.’
‘De restaurants zijn hier erg duur. Dat komt mede omdat ze te grote menu’s voeren en geen dagmenu’s hebben, waardoor de zaak eenvoudig niet goedkoop kán zijn. Ook zijn de porties meestal veel te groot, en wordt de zaak onnodig versierd. Pas at ik een toastje met Parmaham, erg lekker. Maar wat krijg je erbij? Schijfje augurk, uitje, stukje tomaat, blaadje sla en ga maar door.’
‘Ik zou een algemeen verbod afgekondigd willen zien om nootmuskaat op asperges te strooien.’
‘Eerlijk eten voor een redelijke prijs moet mogelijk zijn, maar je komt het hier maar zelden tegen. Mijn dochter heeft eens gezegd dat ze mij beklaagde omdat ik alles zo goed proefde. Ik heb toen geantwoord dat ik het inderdaad vaak moeilijk had, maar áls het lekker is, geniet ik ook dubbel!’

Als favoriete gerechten noemde Heineken behalve Hollandse garnalen (‘met Franse mayonaise, van veel dooiers’), oeufs bénédictine, Indisch (‘wel vers en niet van de stoomtafel’), wild, en châteaubriand met béarnaisesaus. ‘Ik heb daar het liefst een jonge, goede Bordeaux bij die vooral niet te warm mag worden geserveerd. Het liefst heb ik de fles zó uit de kelder. Als-ie te warm is, gaat-ie direct terug. En rode Bourgogne dito!’

 

***

BEPROEFD & GEPROEFD
recepten uit Julie’s kookdagboeken

Al meer dan vijftig jaar houdt mijn vrouw Julie kookdagboeken bij waarin ze recepten noteert van gerechten die thuis tot tevredenheid werden bereid, ook voor etentjes met familie en vrienden. De laatste jaren waren dat geen diners meer, maar brunches en vooral ‘borrel-dinertjes’ met salades, soepen en zoet. Dit soort maaltijden geven de kok/gastvrouw veel minder stress, en zijn ook plezierig voor de gasten. ‘Die zelf kiezen wat en hoeveel ze willen eten, terwijl ze meer gelegenheid hebben om met andere gasten te praten, om naar te zwijgen over hoe fijn jonge kinderen dit vinden. Voorts hoeven borden, glazen en bestek niet steeds gewisseld te worden, en hoef je de tafel maar één keer te dekken, rond een mooi centerpiece.’ Hier is een van Julie’s recepten, vorige maand beproefd en geproefd.

Paasbrunch salade met geitenkaas eitjes 
40 gr gepelde pistachenoten, grof gehakt en mooi bruin gebakken in een droge koekenpan * 1 tl geraspte schil van een handsinaasappel * 5 groene olijven in kleine stukjes gesneden * snufje zout * 200 gr zachte geitenkaas op kamertemperatuur * 150 gr jonge spinazieblaadjes * 150 gr doperwten (uit diepvries of blik, zo nodig net gaar gekookt en afgekoeld) * 2 hard gekookte eieren, grof geraspt * 2 el olie- en azijndressing (uit een flesje, of meng zelf drie delen olie met 1 deel azijn, plus zout en peper naar smaak)

Meng de pistachenoten, sinaasappelschil, groene olijven en het zout door de geitenkaas. Maak hiervan zo’n 30+ kleine ‘eitjes’. Leg de spinazieblaadjes op een platte schaal. Verdeel de doperwten over de spinazie, en vervolgens ook de geraspte stukjes hard gekookt ei (voor een geler ‘veld’ kun je alleen het eigeel gebruiken). Bedruppel dit alles met wat olie- en azijndressing. Leg de geitenkaas ‘eitjes’ op het groene veld.

Tip: Maak de ‘eitjes’ een dag van tevoren klaar, en de salade verder af op de ochtend van de brunch.


***

*** 

…Henk Bouwknegt, Henk Brok, Gerard Fagel,
Fons van Groeningen, Jaap Klosse, Arie Siliakus …

 TERUG IN DE TIJD MET
FAVORIETE WIJNKAART WIJNEN
VAN LEGENDARISCHE RESTAURATEURS (2)

Hoezeer de wijnwereld veranderd is, blijkt o.m. uit mijn Wijngids Nederland die in september 1982 verscheen. Want van de ruim 150 wijnleveranciers die daarin werden geprofileerd bestaat de overgrote meerderheid niet meer, zo’n 130(!) bedrijven in totaal. Ook onthullend is het hoofdstuk waarin restaurateurs van toen hun favoriete wijnkaart wijnen noemen, op mijn verzoek drie witte en drie rode. Rosé was toen nog geheel buiten beeld, net als andere mousserende wijnen dan Champagne. Overigens bestaan ook heel wat van die restaurants niet meer. Wat meteen opvalt is hoe klein de wijnwereld destijds was, want op een handvol na zijn alle favoriete restaurateur wijnen Frans. Bovendien lagen de prijzen veel lager dan nu, gezien het alleen al het aantal grote, tegenwoordig torenhoog geprijsde wijnen uit Bordeaux en Bourgogne. Nieuwsgierig? Hier is een tweede greep, per plaats op alfabet. De wijnnamen staan vermeld zoals ik ze destijds ontving van de genoemde restaurateurs.

APELDOORN

De Echoput (Jaap Klosse)
wit
Sauvignon de Haut-Poitou
Sancerre Clos du Chêne Marchand, Picard-Crochet
Puligny-Montrachet, Buisson-Battault
rood
Brouilly, Domaine des Samsons
Château le Gravet, Saint-Emilion
Château La Lagune, Haut-Médoc

De Keizerskroon (Henk Brok)
wit
Mâcon-Clessé, J. Thévenet
Saint-Joseph, A. Rochette
Meursault, J.F. Coche-Dury
rood
Château de Portets, Graves
Château de Pez, Saint-Estèphe
Beaune Les Cent Vignes, Louis Latour

BEETSTERZWAAG

Lauswolt (Henk Bouwknegt)
wit
Muscadet, Château de la Ragotière
Saint-Véran, Domaine la Maison
Riesling Cuvée, Theo Faller
rood
Beaujolais Leynes, Domaine des Samsons
Château Graveyron, Graves
Chassagne-Montrachet La Boudriotte, Bachelet-Ramonet

BENNEBROEK

De Oude Geleerde Man (Arie Siliakus)
wit
Sauvignon de Haut-Poitou
Pouilly-Fumé, De Ladoucette
Riesling Les Pierrets, Jos Meyer
rood
Gigondas, Amadieu
Bourgogne Hautes-Côtes de Nuits, Cuvée des Dames de Vergy, Dominique Guyon
Château Maucaillou, Moulis

BLOKZIJL

Kaatje bij de Sluis (Fons van Groeningen)
wit
Bourgogne Aligoté, Louis Latour
Château de Viré, Mâcon-Viré
Corton-Charlemagne, Louis Latour
rood
Château Rocher Beauregard, Pomerol
Lis d’Or, Côtes de Nuits Villages, Prosper Maufoux
Beaune Les Marconnets, Prosper Maufoux

BOSCH EN DUIN

De Hoefslag (Gerard Fagel)
wit
Beaujolais Blanc, Mathelin
Puligny-Montrachet (alle crus), Leflaive
Hermitage, J.L. Chave
rood
Morgon, Mathelin
Domaine de Villemajou. Corbières
Château Poujeaux, Moulis

(…wordt vervolgd…)

***

 ***

DE WIJNKAART
IS VAAK EEN HEILIG HUISJEMAAR TOCH

De druppel die de emmer, pardon het wijnglas, deed overlopen, was de wijnkaart die ik onlangs zag in een gerenommeerd restaurant. Niet alleen was de kaart veel te groot voor een betrekkelijk kleine zaak, met als gevolg flink wat mogelijke kelderdochters, maar ook had de samensteller, een freelance sommelier, er een prijslijst van gemaakt. Met alleen wijnnamen plus prijzen, en voornamelijk ingedeeld op kleur. De zoveelste kale catalogus dus. Die van de gast verlangt dat hij of zij precies weet hoe elke wijn smaakt, teneinde de juiste wijnen te kiezen bij de bestelde gerechten – die meestal eveneens onbekend zijn. Een onmogelijke eis, het wordt gokken, een kansspel. Dus wat gebeurt? Als gast ga je voor veilig, en kiest dus een vertrouwde naam van druif en/of streek. In de hoop dat dit roulettespel de maaltijdsbeleving niet zal bederven.

Nog altijd beseffen veel samenstellers van wijnkaarten niet dat deze een dienende functie hebben – en moeten communiceren. Het doel is immers om de gast in staat te stellen makkelijk en snel DE JUISTE WIJN TE KIEZEN BIJ HET JUISTE GERECHT. En dat zónder een wijnopleiding te hebben gevolgd. Hier wat criteria.
. Elke wijnkaart dient in de eerste plaats te worden afgestemd op de KEUKEN. In het ideale geval proeft en beslist de chef dus ook mee. Het gaat er immers om de perfectste wijnpartners te kiezen bij zijn/haar creaties, en deze nóg beter te laten smaken. Zo’n exercitie heb ik lang geleden zelf gedaan met Robert Kranenborg voor het toen nieuwe restaurant La Rive (Amstel Hotel).
. Kaarten moeten dus ook OP SMAAK worden ingedeeld, niet op land of streek. En zonder door te slaan naar een dwaze indeling op druif. Ik ken een kaart waarop van een rode Bordeaux eerst cabernet sauvignon, merlot e.d. worden vermeld, maar daarna pas de châteaunaam en de streek. En bij een rosé eerst cinsault, grenache en syrah – alsof iemand dat zou interesseren. Dat indelen op smaak kan zowel via het karakter c.q. de stijl van de wijnen, als via verwijzingen naar soorten gerechten of zelfs specifieke schotels.
. Korte, kernachtige WIJNBESCHRIJVINGEN zijn essentieel. Zonder die informatie wordt het bestellen van wijn een gokspel.
. KLEIN IS FIJN. Nog altijd worden internationale prijzen uitgereikt aan omvangrijke wijnkaarten, wat dwaasheid is. Grote kaarten, boekwerken soms, ik heb er heel wat gezien, staan per definitie vol met wijnen die allang verkocht hadden moeten zijn, met kelderdochters dus. Bovendien bevatten ze nimmer beschrijvingen, zijn totaal ongastvriendelijk. En dan de opslag, de rente… De kunst is juist om zich in de beperking de meester te tonen door nooit meer dan bijvoorbeeld dertig wijnen aan te bieden, met vijftig als absoluut maximum. Dat is de taak, de uitdaging.
. GASTVRIENDELIJKHEID moet voorop staan. Ga als restaurateur, gastheer/vrouw of sommelier niet jouw kennis etaleren, maar kies ervoor om jouw gasten optimaal te plezieren. En mocht je toch speciale, kostbare, zeldzame wijnen willen voeren, maak dan daarvoor een kleine tweede wijnkaart waarnaar de geïnteresseerde gast kan vragen (wat destijds ook voor La Rive gebeurde).
. HOE MEER WIJNEN PER GLAS TE BETER. Zodat de gast per gerecht en dus op maat een passende wijn kan kiezen, en niet gedwongen wordt om een hele fles te bestellen. Denk daarbij ook aan de chauffeurs.
. GOEDE ALCOHOLVRIJE WIJN mag niet ontbreken. Series zaken, ook café-restaurants die ik heb bezocht, zeiden desgevraagd dat ze wel alcoholvrij bier verkochten, maar geen wijn. Dat kán vandaag de dag niet meer. Alcoholvrij is ook het sterkste groeisegment in de wereldwijde wijnmarkt – en de kwaliteit stijgt gestaag.
. Tot slot een verzoek als gast: hanteer een VASTE OPSLAG. Nog altijd gaan inkoopprijzen vaak X maal over de kop (soms wel acht keer), wat duurdere soorten extra kostbaar maakt, terwijl de benodigde handelingen dezelfde zijn als voor goedkoper soorten.
Kortom, wég met wijnkaarten die alleen prijskaarten zijn. En een warm welkom aan wijnkaarten die qua gastvriendelijkheid beschouwd kunnen worden als… winkaarten.

***

***

Anno 1798 vestigde Guillaume Polis zich als wijnhandelaar in Maastricht, en fuseerde later met de heer Ryckelen. In 1964 werd Frits Bosch er directeur. Bosch (1919-2007) wordt beschouwd als de grondlegger van de naoorlogse Nederlandse wijnbouw, vanwege zijn druivenaanplant op de Pietersberg, en het maken van de eerste Nederlandse wijn daarvan, wat gebeurde in 1967. Aldus de toelichting van de grote etiketten  verzamelaar Bert Wentzel (jokebertwentzel@gmail.com) die dit historische label selecteerde uit zijn omvangrijke collectie.

 

 

 

 

 

 

Disclaimer. Alle afgebeelde foto’s op deze website in dit maandmagazine zijn afkomstig van de auteur zelf of werden rechtenvrij c.q. met toestemming verkregen van wijnproducenten, wijnorganisaties, wijnhandelaren, promotiebureaus, streek- en landenorganisaties, toeristenbureaus en andere betrokkenen.